WAT NIET BLIJFT

Alles wat verschijnt, verdwijnt. Dit is geen probleem. Dit is bevrijding.

Wat komt, gaat. Wat ontstaat, vergaat. Niets vraagt om vastgehouden te worden—alleen de geest doet dat.

Het probleem begint wanneer de geest vraagt dat het blijft, wanneer de geest zich hecht (upādāna; id.) aan wat van nature voorbijgaat.

In dat vragen ligt spanning. In dat vasthouden ligt dukkha. Maar wanneer zien volstaat—zien zonder hechting, zonder grijpen —ontvouwt zich een stille vrijheid, waarin niets hoeft te blijven en niets verloren gaat.

Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.