GEEN HOUVAST

De geest zoekt rust in iets. In een ervaring, een inzicht, een gevoel van zekerheid. Iets om op te steunen, iets om vast te houden.

Maar wat gevonden wordt, verandert. Wat vastgehouden wordt, glipt weg. Wat zekerheid lijkt, blijkt afhankelijk.

Werkelijke rust wordt niet gevonden in iets. Niet in wat verschijnt, niet in wat blijft, niet in wat begrepen wordt.

Zij verschijnt waar niets meer vastgehouden wordt. Waar de neiging om te grijpen uitdooft. Waar de geest niet langer zoekt naar vaste grond.

Daar is geen houvast—en juist daarom geen onrust. Niet omdat er iets gevonden is, maar omdat het zoeken is weggevallen.

Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.