HET OPENEN VAN HET DHAMMA-OOG

Thera Soma:

” Inzicht is het begrijpen van de ware aard van de dingen waardoor een volledige transfiguratie van het mentale leven plaatsvindt in de ziener en waardoor hij uitstijgt boven geboorte en dood.

Het begrijpen van de ware aard van de dingen komt neer op inzicht in de vergankelijkheid, onbevredigdheid en zelfloosheid van alle geconditioneerde verschijnselen. “

Dit beslissende moment van overgang noemt men in de doctrine gotrabhū. Het markeert de overgang van wereldling (puthujjana; pṛthagjana) naar edele leerling (ariya-puggala; ārya-pudgala) en gaat onmiddellijk vooraf aan het openen van het Dhamma-oog (dhammacakkhu; id.), dat wil zeggen het moment van de verwerving van het eerste niveau van ontwaken: stroombetreding (sotāpatti; srotāpatti).

De stroombetreder (sotāpanna; śrotāpanna) bereikt dit inzicht door de vernietiging van de eerste drie schakels (saṃyojanāni; id.) die hem of haar aan saṃsāra binden.

Deze drie schakels zijn: de persoonlijkheidsopvatting (sakkāya-diṭṭhisatkāya-dṛṣṭi), dat wil zeggen de opvatting dat er een blijvend ‘ik’ of ‘zelf’ aanwezig is in de vijf khandha’s(skandha’s); gehechtheid aan riten, rituelen en uiterlijke voorschriften (sīlabbata-parāmāsaśīlavrata-parāmarśa) en sceptische twijfel (vicikicchāvicikitsā).

Het begrijpen van deze drie schakels (pariyattipariyāpti) is moeilijk; hun beoefening (paṭipattipratipatti) vraagt vaak een leven lang; hun doorbraak (paṭivedhaprativedha) opent het Dhamma-oog (dhammacakkhudharmacakṣus) en markeert het begin van de onomkeerbare weg naar bevrijding.

Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.