HET EINDE VAN WORDEN

Bevrijding is niet de ultieme vorm van worden. Het is niet de hoogste toestand die iemand kan bereiken, noch de uiteindelijke verwezenlijking van een zelf dat zichzelf heeft vervolmaakt.

Bevrijding ligt in het ophouden van de voorwaarden die het worden (bhava) voeden.

Begeerte (taṇhā) conditioneert hechten (upādāna); hechten conditioneert worden. Wanneer deze voorwaarden ophouden, wordt ook het worden niet langer gevoed. Het proces dat steeds opnieuw tot worden leidt, komt tot stilstand.

Daarom moet ook het verlangen naar bevrijding helder worden gezien. Niet omdat de intentie om vrij te zijn op zichzelf een obstakel vormt, maar omdat zelfs bevrijding kan worden toegeëigend: als een toekomstige toestand die ‘ik’ zal bereiken, als iets wat ‘mijn’ verwezenlijking zal zijn. Dan kan worden ongemerkt voortgaan in het zoeken naar het einde van worden.

Dhamma vraagt daarom uiteindelijk niet: ‘Wat moet ik worden?’

Dhamma nodigt ons uit te zien wat zich nu voltrekt: begeerte die opkomt, hechten dat ontstaat, worden dat vorm krijgt. Niet om er iets van te maken, maar om deze processen te zien zoals ze werkelijk zijn.

Wanneer begeerte en hechten ophouden, wordt het worden niet langer gevoed. Bevrijding is dan niet de uiteindelijke voltooiing van worden, noch de vervolmaking van degene die wilde worden.

Het is het einde van worden.

Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.