WAARAAN HERKEN JE DE DHAMMA?

Niet aan de verpakking. Niet aan de titel van degene die spreekt. Niet aan zijn plaats binnen een traditie. Niet aan de ouderdom of het prestige van een instelling. De Boeddha geeft zelf een veel concretere toets: kijk naar de richting waarin iets leidt.

In de Saṅkhitta Sutta, Aṅguttara Nikāya 8.53, vraagt Mahāpajāpatī Gotamī aan de Boeddha om haar de Dhamma in het kort te onderwijzen. 

Het antwoord van de Bhagavat is opmerkelijk praktisch. In essentie zegt hij: kijk naar wat het onderricht en de beoefening teweegbrengen. Leiden ze tot minder begeerte en gebondenheid? Tot minder behoefte om steeds meer te willen en te verwerven? Tot meer tevredenheid, afzondering en daadwerkelijke beoefening? Worden we eenvoudiger in onze behoeften en minder veeleisend voor anderen? Dan bewegen we in de richting die de Boeddha aanwijst. Leiden ze daarentegen tot meer begeerte en gebondenheid, tot steeds meer willen en verwerven, tot ontevredenheid, verstrengeling en gemakzucht, dan gaan ze de andere kant op. Daarover is de Boeddha duidelijk: dat is niet de Dhamma, niet de Vinaya en niet het onderricht van de Leraar.

Dat is een bijzonder nuchtere toets. 

Een onderricht kan indrukwekkend klinken. Een leraar kan charismatisch zijn. Een ritueel kan ontroeren. Een traditie kan eeuwenoud zijn. Een instelling kan groot en invloedrijk zijn. Maar geen van die dingen maakt iets tot Dhamma. De vraag blijft: waar leidt het naartoe?

Die vraag geldt niet alleen voor wat anderen ons onderwijzen. Ze geldt evenzeer voor onze eigen beoefening. We kunnen veel over de Dhamma weten, veel teksten gelezen hebben, verschillende meditatietechnieken kennen en jarenlang deel uitmaken van een boeddhistische traditie. Maar als onze begeerte, gehechtheid en onwetendheid daardoor alleen maar verder gevoed worden, missen we de richting waarin de Boeddha wijst.

De Dhamma gaat de andere kant op. Naar minder begeerte en minder gehechtheid. Naar tevredenheid. Naar loslaten. Naar het doorzien en uiteindelijk beëindigen van datgene waardoor dukkha ontstaat. Dat is ook waarom de vraag van de Saṅkhitta Sutta zo krachtig is. Het gaat daarbij niet om hoe indrukwekkend een onderricht klinkt, wie het verkondigt of hoeveel mensen het volgen. Waar het om gaat, is de richting waarin het wijst: waar leidt het naartoe?

Dáár ligt de toets.

Dit bericht is geplaatst in Uncategorized. Bookmark de permalink.